Posts Tagged ‘buiten spelen’
Sterren schieten

Maak een cirkel in het zand. Iedere speler heeft 10 knikkers en legt een knikker in de cirkel. Vervolgens gaan alle spelers om de cirkel heen staan en laat men om beurten een knikker in de cirkel vallen. Elke knikker die buiten de cirkel rolt mag opgeraapt worden door degene die zijn knikker als laatste in de cirkel liet vallen. Degene die alle knikkers overheeft wint.
Heeft niemand meer knikkers over of is er een iemand met nog knikkers? Verdeel de overgebleven knikkers en begin opnieuw…
Kuiltje Knikkeren

Knikkeren is echt een lentespel, zodra het mooi weer wordt komen de knikkerzakken tevoorschijn en kan het spel beginnen…
Je speelt het met twee of meer kinderen. Maak een kuiltje in het zand en ga op ongeveer twee meter afstand staan. Alle spelers proberen hun knikker in het kuiltje te werpen. Degene van wie de knikker het dichts bij het kuiltje ligt mag beginnen. Het doel is om alle knikkers in het kuiltje te krijgen door ze erin te wippen. Zodra er een knikker het kuiltje mist is de ander aan de beurt. Degene die de laatste knikker in het kuiltje wipt is de winnaar en mag alle knikkers houden.
Touwtje springen
Touwtje springen is erg leuk om te doen. Je kunt het aleen doen met een klein springtouw, met zijn tweetjes waarbij de tweede persoon inspringt , met een klein springtouw of met een groot springtouw en een of twee draaiers en een groep springers.
Vaak worden er een of meerdere liedjes bij gezongen:
Balspelen
Hieronder een opsomming van buitenspelletjes waarbij je een bal nodig hebt
Stoeprandje
Nodig:
2 kinderen en een goede bal.
Ga tegenover elkaar staan op een andere stoep. Gooi de bal naar de stoep rand van de ander. De ander moet de bal opvangen maar mag de stoep niet verlaten. Kaatst de bal terug dan mag de gooier zijn stoep verlaten om de bal op te vangen en nog een keer gooien vanaf de plek waar hij de bal gevangen heeft. Net zolang totdat de ander de bal gevangen heeft. Degene die dit het meeste aantal keer achter elkaar doet is de uiteindelijke winnaar.
Hutten bouwen
Samen met je vriendjes in het park, plantsoen of bos een hut bouwen. Heerlijk picknicken en lekker vies worden.
Hoe bouw je een hut?
Natuurlijk is elke hut anders, maar als basis heb je toch altijd takken nodig, veel takken. Maar let op, je mag nooit bomen of struiken expres stuk maken voor je hut. Verzamel dus alleen die takken die los liggen en tegenwoordig zijn dat er veel…
Basis
Als basis voor een hut kan een stevige boom dienen. Je kunt takken hier makkelijk schuin tegen aan zetten en zo je hut opbouwen. Vergeet niet dat er ook een deur in je hut moet zitten.
Kuil
Een goede mogelijkheid is om eerst een kuil te graven. Je kunt hier dan takken overheen leggen en zo een hut maken.
Boomhut
Een andere mogelijkheid is om een of twee bomen uit te zoeken met enkele stevige takken op dezelfde hoogte. Let op, deze takken moeten stevig genoeg zijn om jou en je vriendjes te dragen! Vervolgens ga je met andere stevige takken een bodem maken en zul je je hut van een dak moeten voorzien.
In de stad
Soms heb je de pech dat er geen takken aanwezig zijn, maar je kunt vaak wel aan afvalhout, pallets etc. komen. Ook dit kan goed als basis voor je hut dienen.
Waterdicht
Een hut waterdicht maken is niet zo moeilijk, alleen een vervelend werkje. Je kunt takken met bladeren bovenop de basis van je hut doen, platen met mossen kunnen een hut ook goed waterdicht maken en wat denk je van modder?
Hoogtespringen
Maak aan een uiteinde van het elastiek een lusje. Bind het elastiek aan een lantaarnpaal vast door het elastiek om de paal en door het lusje te halen. 1 kind houd telkens het elastiek op de juiste hoogte vast. De andere kinderen moeten eroverheen komen, wie het niet red is af en moet het elastiek vast houden. Je mag springen, rennen, handstand, radslag etc doen om over het elastiek te komen.Je begint bij stand 1 en werkt omhoog.
- Grond (niemand mag het elastiek aanraken)
- Enkel (niemand mag het elastiek aanraken)
- Knie (niemand mag het elastiek aanraken)
- Gestrekte arm naar beneden ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden)
- Heup ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden)
- Oksel ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden, handstand of radslag, kleine kinderen mogen er onder door rennen zonder afgetikt te worden)
- Schouder ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden, handstand of radslag, kleine kinderen mogen er onder door rennen zonder afgetikt te worden)
- Oor ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden, handstand of radslag, kleine kinderen mogen er onder door rennen zonder afgetikt te worden)
- Hoofd ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden, handstand of radslag, kleine kinderen mogen er onder door rennen zonder afgetikt te worden)
- Gestrekte arm omhoog ( Tijdens het springen mag het elastiek aangeraakt worden, handstand of radslag, kleine kinderen mogen er onder door rennen zonder afgetikt te worden)


